Naar de inhoud
Ga naar inhoud

Onderhoud en herstel

Een epoxyvloer schoonmaken en onderhouden

Duron Coatings

Een praktische onderhoudsroutine voor epoxyvloeren: eerst los vuil verwijderen, passend reinigen en veranderingen aan het oppervlak beoordelen.

Schone vlakmop en zachte stofzuigermond op een grijze afgewerkte vloer

Een epoxyvloer maak je schoon door eerst los vuil te verwijderen en daarna te reinigen met een middel dat geschikt is voor de afgewerkte vloer. Gebruik schone, niet-schurende hulpmiddelen en volg de dosering van de reiniger. Test een nieuw middel op een onopvallende plek. Begin pas met de gewone natte reiniging wanneer de volledige vloeropbouw daarvoor voldoende is uitgehard.

Welke aanpak past, hangt ook af van de bovenste laag. Een epoxyvloer met een matte PU-toplak heeft een andere eindafwerking dan een vloer met de epoxylaag als zichtbare afwerking. Zoek daarom eerst uit welke producten op jouw vloer zijn gebruikt.

Kijk naar de laag die je schoonmaakt

Bewaar de productnamen en de opbouw bij je onderhoudsinformatie. Noteer of de vloer is afgewerkt met Duron Epoxy Vloercoating, een epoxy gietvloer of een aanvullende transparante matte toplak.

De bovenste laag komt rechtstreeks in contact met water, reiniger en schoonmaakmateriaal. Stem je keuze daarop af. Een middel dat voor een andere kunstharsvloer wordt verkocht, is niet automatisch passend voor jouw complete opbouw.

Weet je niet wat de eindafwerking is, verzamel dan een factuur, besteloverzicht of productfoto. Daarmee kun je gericht naar reinigingsadvies vragen en voorkom je dat je steeds sterkere middelen probeert.

Verwijder eerst zand en los vuil

Begin met stofzuigen met een geschikte zachte vloerborstel of gebruik een schone zachte bezem. Controleer of er geen scherpe delen of vastzittend vuil aan het hulpmiddel zitten. Neem de plekken bij deuren, onder verrijdbare meubels en rond een werkbank mee.

Zand en ander hard vuil wil je verwijderen voordat je gaat dweilen of iets over de vloer verplaatst. Laat het ook niet onder matten of beschermers ophopen. De juiste schoonmaakfrequentie hangt af van hoeveel vuil binnenkomt en hoe de ruimte wordt gebruikt.

In een garage verdienen de inrijstroken extra aandacht. In een werkruimte kan vuil zich vooral verzamelen waar materiaal wordt bewerkt of karren worden gedraaid. Richt de routine op die plekken in, zonder de rest van de vloer te vergeten.

Zo pak je de normale natte reiniging aan

Kies een voor de eindafwerking geschikt, niet-corrosief reinigingsmiddel. Gebruik een schone mop of doek die geen schurende werking heeft. Volg het etiket voor dosering en toepassing; meer concentraat maakt het resultaat niet vanzelf beter.

Werk in overzichtelijke delen en ververs vervuild water. Neem vuil op in plaats van het naar het volgende vloervak te verplaatsen. Verwijder reinigingsresten volgens de aanwijzingen van het middel en laat geen onnodige plassen achter.

Blijft een waas zichtbaar, kijk dan eerst naar vuil water, achtergebleven reiniger of een ongeschikt hulpmiddel. Een waas is niet automatisch slijtage. Probeer op een kleine plek een passende nabehandeling voordat je de hele vloer opnieuw behandelt.

Test een nieuw middel op een kleine plek

Ook bij een middel met een vertrouwde naam is een proef zinvol. Gebruik op een onopvallend deel dezelfde verdunning en werkwijze die je voor de rest van de vloer wilt toepassen. Beoordeel na het reinigen en drogen of kleur, glans of oppervlak zijn veranderd.

Een proef met een sterkere concentratie zegt weinig over normaal onderhoud, en een geslaagde korte proef bewijst geen onbeperkte bestendigheid. Houd je aan het gebruiksadvies en bespreek bijzondere middelen vooraf met Duron Coatings.

Gebruik geen schuurpoeder, metalen krabber of harde schuurspons als standaardoplossing voor een hardnekkige plek. Ook stoom, hoge druk en een reinigingsmachine vragen vooraf bevestiging dat middel, temperatuur en mechanische werking bij de vloer passen.

Gemorste vloeistoffen en hardnekkige vlekken

Neem gemorste vloeistof zo snel mogelijk op met passend absorberend materiaal, rekening houdend met wat er is gemorst. Verspreid olie niet met dezelfde mop over de rest van de ruimte. Reinig de plek daarna met een voor vloer en vervuiling geschikte methode.

Bij een onbekende vloeistof of een verandering van het oppervlak stop je met experimenteren. Noteer de stof, hoe lang deze op de vloer lag en welke reiniging al is geprobeerd. Maak een foto voordat je verder behandelt.

Een epoxyvloer is niet automatisch bestand tegen alle reinigers, oliën en chemicaliën. Lang contact of een hoge concentratie kan een andere belasting vormen dan kort, incidenteel contact. Voor een specifieke stof is productspecifieke informatie nodig.

Voorkom slijtage tijdens het gebruik

Til meubels en zware voorwerpen waar mogelijk op in plaats van ze te verschuiven. Gebruik geschikte, schone bescherming onder contactpunten en controleer die regelmatig op vastzittend zand. Een vervuilde beschermer kan juist vuil over de vloer meenemen.

Controleer wielen van stoelen, karren en gereedschapswagens op schade en ingeklemd materiaal. Stem het soort wiel en de belasting af op de vloer. Zet matten alleen neer als de rug en het gebruik geschikt zijn voor de eindafwerking, en maak ook de vloer eronder schoon.

Een matte toplak maakt een vloer niet krasvrij. Onderhoud kan slijtage beperken, maar een beschadigde laag wordt niet hersteld door er een extra hoeveelheid reiniger op te gebruiken.

Houd een nieuwe vloer apart in je planning

Bij een pas aangebrachte vloer is beloopbaarheid iets anders dan volledige belastbaarheid of geschiktheid voor nat reinigen. Gebruik de tijden en omstandigheden van het actuele productdocument voor de laatste laag en de volledige opbouw.

Voorkom dat schoonmakers, medewerkers of gezinsleden te vroeg beginnen met dweilen of spullen terugzetten. Spreek af vanaf welk moment welke handelingen zijn toegestaan. Breng niet op eigen initiatief tape of afdekmateriaal rechtstreeks op een nieuwe vloer aan.

Maak onderhoud eenvoudig voor iedereen

Leg voor een gedeelde garage of bedrijfsruimte kort vast welk middel en welke dosering worden gebruikt, welke hulpmiddelen klaarstaan en hoe morsingen worden gemeld. Bewaar die informatie bij de schoonmaakmaterialen.

Controleer tijdens het reinigen ook de staat van de vloer. Een kras, doffe plek, blaas of loslatende rand vraagt niet dezelfde aanpak. Stop bij een zachte laag of loslatend materiaal met intensief schrobben en laat de oorzaak beoordelen voordat je aan herstel begint.

Advies nodig over jouw vloer?

Stuur de productnaam, eindafwerking, soort vervuiling en een foto mee wanneer je onderhoudsadvies vraagt bij Duron Coatings. Vermeld ook welke middelen al zijn gebruikt. Zo kan de vervolgstap worden afgestemd op jouw vloer, zonder onnodig agressieve reiniging of een voortijdige nieuwe coatinglaag.

Lees ook